psycholoog

De psycholoog vindt dat het goed met me gaat

Deel op facebook
Facebook
Deel op twitter
Twitter
Deel op linkedin
LinkedIn
Deel op email
Email

[ BLOG ] mei 2001 – Tijdens het intakegesprek vertel ik de psycholoog hoe het op school gaat (goed, ik haal zelden een onvoldoende), hoe leuk mijn vriendinnen zijn (zowel die uit mijn klas als van mijn basketbalteam als van mijn bijbaan) en dat we het thuis ook aardig redden met zijn viertjes. Eigenlijk het enige dat vervelend is, is dat ik soms wat last heb met ademen.

De sessie vliegt voorbij. Praten met zo’n psycholoog valt best mee, vind ik. De man zit achter zijn bureau naar me te luisteren en schuift me aan het eind van de sessie twee A4-tjes toe. Het huiswerk is om deze twee vragenlijsten in te vullen en te starten met een dagboek, zodat ik ‘mijn gevoelens kan verwoorden’. Hij schat dat we in totaal drie tot vijf sessies nodig hebben, dus maken we alvast twee vervolgafspraken.

Of ik het huiswerk gedaan heb?

De volgende meeting is op een vrijdag na school. Voordat ik naar het gezondheidscentrum fiets, vul ik de vragenlijsten nog even in. Er staan allerlei stellingen op, waarvan ik met een getal moet aangeven of ze voor mij waar (5) of niet waar (1) zijn. Makkelijk.

‘Voelt goed aan wat anderen willen’. Jazeker, een 5.
‘Is snel van slag’. Een grap zeker? Waardoor zou ík nu nog van slag moeten raken, nu ik net mijn vader heb verloren? Ik kan alles aan, een 1.
‘Raakt in discussies snel opgewonden en reageert heftig’. Ik kan me voorstellen dat ik een jaar geleden de 3 had aangekruist. Als echte dertienjarige had ik nog wel eens fikse ruzie met mijn vader. Maar nu… zorg ik gewoon dat ik niet in een discussie terecht kom. Dus, een 1.
‘Is flexibel’. Check, that’s me. Een 5.

In alle eerlijkheid vul ik de lijsten in, ik kan precies uitleggen waarom ik een bepaald cijfer kies. Tegelijk weet ik dat dit één grote poppenkast is. De psycholoog doet net of deze lijsten alles betekenen (of gelooft dat echt) en ik doe braaf wat hij vraagt. Ondertussen snap ik precies wat mijn antwoorden voor effect zullen hebben.

Ik antwoord snel en zorgvuldig

‘Onderneemt graag nieuwe activiteiten: 5’. Klinkt veelbelovend? Tja, ik onderneem graag nieuwe dingen, dan hoef ik tenminste niet thuis te zijn.
‘Heeft goed inzicht in zijn gevoelens: 5’. Ook al zo positief. Ik heb zo’n goed inzicht in mijn gevoelens dat ik precies weet welke ongewenst zijn en die bewust niet laat zien.
Mijn antwoord (5) op de stelling ‘heeft door hoe dingen met elkaar in verband staan’ zou argwaan moeten wekken, maar ik vermoed dat ook dat als een positief punt wordt gescoord. Denken die volwassenen echt dat ik niet doorheb hoe dit werkt?

De ingevulde vragenlijsten neem ik mee, het andere huiswerk heb ik niet gedaan. Een dagboek bijhouden lijkt me toch zo’n vreemde bezigheid. Wat heeft het voor zin om je gedachten op te schrijven? Als je ze denkt, weet je toch al wat ze zijn? Dan is het dubbelop om ze ook nog te noteren. Ach, hij zal me er vast geen voor strafwerk geven.

De score op Depressie & Angstklachten

Samen nemen we de vragenlijsten door. Op ‘Depressie & Angstklachten’ scoor ik goed, dat wil zeggen dat ik geen opvallend sombere buien heb en over het algemeen vrij optimistisch ben. De uitslag van de ‘Vragenlijst Psychosociale Vaardigheden’ vermeldt ook geen bijzonderheden over mij. De psycholoog vraag her en der om een toelichting.

Ik kies mijn woorden zo dat ik niet lieg en hij tóch de conclusie trekt dat er geen probleem is. Verder slaap en eet ik goed, sport ik regelmatig, heb ik ruim voldoende sociale contacten en een goede band met mijn familieleden. Dus hoe zit dat nou toch met dat gekke ademen van me? De tijd is om, dat komt wellicht de volgende sessie aan de orde.

Een doorbraak volgt

Dat klopt, want een week later heb ik ‘een doorbraak’ bij de psycholoog. Vanachter zijn bureau vraagt hij me te vertellen over de avond dat mijn vader overleed. Nu kan ik me niet meer groot houden en laat mijn tranen de vrije loop. Even daarna houden ze net zo snel als ze begonnen weer op. Ik zou best nog even verder willen huilen maar dat lukt niet. Was dit het dan?

Ja, volgens Meneer Psych wel. ‘Nou, volgens mij vind jij je weg wel. Het gaat op alle vlakken hartstikke goed met je, zeker gezien je situatie. Nu je deze doorbraak gehad hebt, zal het ademen vanzelf beter gaan en lijken vervolgafspraken me niet nodig’. Wat een compliment. Ik ben opgelucht dat een professional heeft bepaald dat het goed gaat met mij. Dan kan ik dus zeker weten dat ik dit ‘verder leven na het verlies van een dierbare’ goed aan het doen ben.


Deze tekst is een fragment uit mijn nieuwe boek Vlieg vrij. Over het boek:

In ‘Vlieg vrij’ maak ik grote onderwerpen als bewustzijn, ziekte en dood, op een lichtvoetige manier bespreekbaar. Verwacht persoonlijke verhalen die pijnlijk herkenbaar en nietsverhullend eerlijk zijn. Ik zoek uit: hoe kan ik beter omgaan met tegenslag en teleurstelling? Hoe kan ik angsten loslaten, om me zo vrij als een vogel te voelen?

Beperkende overtuigingen en diepe angsten laat ik los, tot ik uitkom bij niet-weten. Ik geef me daar volledig aan over, in het vertrouwen dat het nú al goed is.

 Bestel Vlieg vrij hier >>>

 

Deel op facebook
Facebook
Deel op twitter
Twitter
Deel op linkedin
LinkedIn
Deel op email
Email

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *